Peregodnij Period: Leven en overleven in de Krim

Eva-Hartog-Rigths-Reserved

Of je het nu aan een oud vrouwtje, een ondernemer, of een soldaat vraagt: het leven in de Krim staat een jaar na annexatie door Rusland vooral in het teken van de ‘peregodnij period.’

In het Russisch betekent ‘peregodnij period’ letterlijk overgangsfase, een nogal passieve term vergeleken met het tumultueuze ‘perestroika’ waarmee Gorbachev Rusland de jaren negentig inloodste. Het hervormingsbeleid van toen was als een tsunami die tegen de kust van de oude Sovjet-ideologie opbeukte. Het was een frontale botsing tussen oud en nieuw die zorgde voor een periode van uitbundige discussie, verandering en maatschappelijk rumoer.

Op het Krimse schiereiland, daarentegen, voltrekt zich nu een veel stillere transformatie.

Vraag verschillende inwoners van de Krim naar de gebeurtenissen van het afgelopen jaar en hun antwoorden getuigen van onzekerheid, groeistuipen en angst. Maar ook van voorzichtige hoop en, voor degenen met roebeltekens in hun ogen, van praktisch ongelimiteerde kansen.

*De namen in dit artikel zijn aangepast om eventuele repercussies te voorkomen.

Marina (26) en Sergei (24)  — “Ik ben een pro-Oekraïens element”

Negen jaar geleden verhuisde Marina van de kustplaats Svadovsk naar Yalta, om samen te zijn met haar vriend Sergei.

Yalta is al meer dan honderd jaar een van de meest populaire bestemmingen in de Krim. Hier bracht de Russische Tsaar Nicolaas II met zijn dochters en vrouw de zomervakanties door. De schone berglucht en sprankelende zee zouden wonderen doen voor de zwakke gezondheid van de tsarina.

In 1945 ondertekenden hier ook de leiders van het Verenigd Koninkrijk, Amerika en de Sovjet-Unie het verdrag van Yalta.

Toen Marina naar Yalta vertrok was het nog een verhuizing binnen hetzelfde land, zoiets als van Maastricht naar Groningen, en waren zij en haar vriend allebei Oekraïense burgers.

Bijna tien jaar later leunt ingenieur Sergei achterover in een t-shirt waarop met grote letters ‘Rusland’ staat, terwijl docent Marina met kleine slokjes een glas Oekraïense appelsap drinkt. “Die Russische troep valt echt niet te drinken,” legt ze uit.

Sergei is een geboren Krimchan, zijn ouders verhuisden tijdens de Sovjet-jaren naar de Krim. Het feit dat de Krim nu weer deel uitmaakt van Rusland ervaart hij, als etnische Rus, als thuiskomen.

“Oekraïne heeft er in die drieëntwintig jaar een puinhoop van gemaakt,” zegt hij. “De Krim heeft zich altijd al deel van Rusland gevoeld.”

Voor zijn vriendin ligt dat anders. Het nationale embleem van Oekraïne op een bordje bij de hoofdingang van haar werk is onhandig weggewerkt met een zwarte stift, terwijl er op nieuwe naamplaatjes wordt gewacht. Het lijkt haar ridicuul.

“Ik ben geboren als Oekraïense, in Oekraïne,” zegt ze. “En nu wordt er zomaar van mij verwacht dat ik van de ene op de andere dag een knop omzet. Dat gaat niet.”

Na de annexatie in maart 2014 moesten twee miljoen mensen opeens alles omzetten, inclusief zorgverzekering, rijbewijs, pensioen en contracten met energieleveranciers.

Om nog maar te zwijgen over nieuwe Russische landlijnen en nummerplaten waarmee je door de politieke spanningen niet voorbij de Oekraïense grens komt.

Het is een massieve operatie waar haast bij is, want zonder Russisch paspoort kun je je niet inschrijven bij de gemeente en zonder inschrijving kun je je zorgverzekering niet omzetten naar een Russische polis, enzovoorts.

Voor etnische Oekraïeners zoals Galina komen daar nog eens een heleboel afspraken met de Russische migratiedienst, de FMS, bij. Alexander moet elke keer mee om als getuige op te treden.

Honderden mensen, jong en oud, staan er dagelijks in de rij.

“Als je tegen het eind van de dag het begin van de rij niet haalt, moet je de volgende dag terugkomen. Voor elke dag dat we vrij nemen worden we niet betaald. Het heeft ons al tienduizenden roebels gekost. Na tien jaar in de Krim moet ik nu opeens bewijzen dat ik het recht heb hier te wonen!” zegt ze boos.

Het resultaat: doordat de oude documenten niet worden ingenomen heeft Galina nu een dubbele identiteit en staat ze met één been in Oekraïne en met het andere been noodgedwongen in Rusland.

Om te blijven leven in de Krim is een pragmatisch schizofrene houding noodzakelijk voor mensen zoals Marina.

Zonder haar Oekraïense paspoort zou ze haar ouders niet kunnen opzoeken in het nog steeds Oekraïense Svadovsk en zonder Russisch paspoort komt ze de Krim alleen met grote moeilijkheden weer in.

“Met onze vrienden hebben we het nooit over politiek,” zegt ze. “Als je een mening hebt die afwijkt van de pro-Russische lijn heeft het sociale consequenties. Het maakt mensen ongemakkelijk.”

Maar toen twee mannen van de Russische geheime dienst, de FSB, bij haar langskwamen om haar te vragen naar de activiteiten van haar studenten wees ze hun vriendelijk de deur. “Ik ben een pro-Oekraïens element,” zegt ze ironisch.

Alexei (ergens in de 40)  — “De Krim is het nieuwe Alaska”

Op 22 februari 2014 vorig jaar vluchtte de pro-Russische president Viktor Yanukovich uit Kiev.

Een dag later was Alexei een van de tientallen mannen die de wacht hielden bij het stadhuis in Simferopol, de hoofdstad van de Krim, als onderdeel van het zelf opgezette ‘zelfverdedingspeloton.’

Alexei vertelt hoe hij zijn Mercedes, vrouw en kinderen (in die volgorde, grapt hij) achterliet in de Oekraïense stad Dnipropetrovsk om de Krim te verdedigen tegen de ‘fascisten’ uit Kiev die met treinladingen vol hun kant op kwamen.

Diezelfde onruststokers —honderden ultranationalisten en nazi-sympathisanten, volgens Alexei—  hadden eerder al Kiev bezet na maandenlange protesten op het Maidanplein.

Nu hun doel was bereikt, namelijk het omver halen van de regering, richtten ze hun vizier op het volgende doelwit: de Krim. In de dagen voorafgaand aan de vlucht van Yanukovich liepen er “vreemde mannen” door de Krimse straten, als verkenners voor de opening van de jacht, zegt Alexei.

Het is een interpretatie van de ontwikkelingen voorafgaand aan de annexatie van de Krim die door velen als waarheid wordt gezien.

Volgens Alexei heeft alleen het snelle optreden van het zelfverdedingspeloton de Krim kunnen redden van een bloedig conflict, met steun van Russische troepen die hun militaire basis op het schiereiland hadden verlaten om versterking te bieden en op die manier oorlog te voorkomen.

“Hoewel ons peloton zwaar bewapend was, is er niet één schot gelost tijdens de machtswisseling waarbij Sergei Aksyonov werd benoemd tot premier en de Krim Russisch grondgebied werd,” zegt Alexei trots.

Voor zijn contributie kreeg Alexei een geheime onderscheiding van het peloton: de Orde van het Zilveren Kruis. Dmitry Peskov, de woordvoerder van Poetin, heeft er ook een, zegt Alexei.

De namen van de duizend leden van het peloton zijn en blijven geheim.

“Velen van ons hebben nog familie in Oekraïne, je weet nooit wat hen overkomt als Kiev ons neerzet als pro-Russische collaborateurs,” zegt Alexei.

Alexei werkt nu in Yalta voor een juridisch consultancy bureau. Hij blijkt een multi-getalenteerd man.

“Ben je al maanden naar iemand op zoek die gevlucht is en die denkt dat hij hier veilig is? Ik traceer hem binnen no time!”

“Moet iemand met een stevig gesprek worden aangepakt? Laat dat maar aan mij over.” Alexei verkoopt zijn grimmige diensten in one-liners.

Nadat velen pro-Oekraïense ondernemers gevlucht waren, volgens Alexei vrijwillig, ligt nu ook de hele vastgoedmarkt open. Daar wordt vooral door Moskouse zakenlui van geprofiteerd en Alexei pikt zijn graantje mee.

“Ik ga niet tegen je liegen,” zegt Alexei. “De Krim is nu een ruïne uit het post-Sovjet tijdperk. Maar binnen een jaar staat iedereen in de rij om hier te kunnen investeren. Tot die tijd is Yalta het nieuwe Alaska. Zeg me waar je wil bouwen en ik regel het voor je. Het goud ligt hier voor het oprapen.”

Volgens Alexei is de Krim nu veilig en behoeft het geen verdere bescherming. Niet ver van de grens van de Krim met Oekraïne, woedt nog wel een felle oorlog.

Maar Alexei voelt niet de behoefte om zijn heldendaad te herhalen in Donetsk en Luhansk.

“Natuurlijk steunen wij de separatisten indirect met geld en ander soort hulp,” zegt hij.

“Meer hebben ze niet nodig. Let op mijn woorden: over minder dan drie jaar wappert over Kiev de vlag van Nieuw Rusland.”

Galina (in de 50), oprichtster van de krant Krimskoye Ekho — “Hier hebben we 23 jaar op gewacht”

Galina werkt al meer dan twintig jaar als journalist in Simferopol en is bijna haar hele leven lang woonachtig in de Krim. Toen ze in april 2014 de nieuwe constitutie las van de nieuwe Russische republiek van de Krim, moest ze bijna lachen van ongeloof.

“Onder het bewind van Oekraïne hadden we in de Krim alleen de schijn van autonomie. Mag ik hier iets bouwen? Nee, daarvoor heb je de toestemming nodig van Kiev. Mogen we deze persoon aanstellen tot politicus? Nee, eerst naar Kiev. Is dat nou autonomie?”

“Rusland geeft ons de onafhankelijkheid waarvoor we zo lang zonder success voor hebben gevochten onder Oekraïens bewind. En nu is het opeens: pak aan en doe!”

Het bleek makkelijker gezegd dan gedaan.

“We hebben enorm veel geld van Rusland gekregen maar onze mensen kunnen de omvang van de taken niet aan. Het is hier vies, we hebben slechte wegen en verschrikkelijke bussen: het stamt allemaal uit de vorige eeuw. Oekraïne heeft er decennialang niets in geïnvesteerd. Het lijkt wel alsof ze voelden dat wij er eigenlijk niet bij hoorden en wisten dat ze de Krim op een dag zouden moeten opgeven.”

In één opzicht is Galina’s leven wel al aanzienlijk verbeterd.

Hoewel er drie officiële talen bestonden in de Krim onder Oekraïens bewind   — Oekraïens, Russisch en Krimtataars — mocht Galina niet in haar moedertaal, Russisch, een huis kopen of haar proefschrift verdedigen.

“Mijn zoon kreeg maar één tot twee uur per week Russische les op school. Daarom schrijft hij nu met taalfouten. Van dat soort hindernissen waren er miljoenen!” zegt ze.

En dat terwijl voor achtennegentig procent van de Krimse bevolking Russisch een moedertaal is. Het was voor haar meer dan een dagelijkse bron van irritatie.

“Ik ben bij meerdere Oekraïense presidenten op bezoek geweest en vroeg hen altijd: ‘Waarom wordt er inbreuk gemaakt op de rechten van Russisch sprekenden?’ Op den duur mocht ik niet meer op gesprek en kwam de Oekraïense geheime dienst één keer per jaar langs om me te ondervragen.”

Volgens Galina is het dus niet verbazingwekkend dat er weinig voor nodig was, ongeveer twee weken, om de bevolking te overtuigen om voor Rusland te stemmen tijdens het referendum.

“Ik vroeg een Tataarse groenteboer voor wie hij zou gaan stemmen,” vertelt Galina. “‘Rusland natuurlijk!”’ zei de man toen.
“Waarom?” vroeg Galina hem.
Hij keek haar aan en zei: “ Hier hebben we drieëntwintig jaar op gewacht.”

Niet iedereen is even overtuigd. Amerika en de Europese Unie noemen de annexatie van de Krim een bezetting en proberen door middel van sancties terugkeer naar Oekraïne af te dwingen.

Voor Galina is dat onbegrijpelijk.

“Denken ze in het Westen nu echt dat bewoners van de Krim het zouden accepteren om ‘teruggegeven’ te worden aan Oekraïne? Als er serieuze weerstand was geweest tegen de annexatie, waren er wel  gevechten uitgebroken tussen verschillende groepen, zoals nu in Odessa en Kharkov. Maar wij hebben ons eigen lot gekozen.”

Volgens Galina wordt dat idee in het Westen niet geaccepteerd.

“Als ze in Europa en Amerika eens wisten hoe we hier onder Oekraïens bewind hebben geleefd, zouden ze minder verbaasd zijn over de pro-Russische uitkomst,” zegt ze.

“Ik kom toch ook niet naar Nederland en zeg: vanaf nu leven jullie zoals ik het zeg?”

Lenamara (54) en Dinamara (25) — “Daar waar de Russische soldatenlaars een stap zet, verdort het gras”

Je dochter vernoemen naar Lenin en Marx en alsnog worden uitgemaakt voor vijand van de Sovjet-Unie. Het overkwam de ouders van Lenamara die, toen zij nog een peuter was, samen met tweehonderdduizend andere Krimtataren onder Stalin in treinladingen werden gedeporteerd naar Oezbekistan.

De vader van Lenamara had jarenlang tegen de nazi’s gevochten in het Rode Leger, maar kreeg bij thuiskomst vijftien minuten om zijn boeltje weer te pakken en te vertrekken, met kinderen en al.

Na de val van de Sovjet-Unie keerde Lenamara terug naar haar geboortestad Bakhchysarai—voor de Krimtataren een symbolische stad vanwege haar historie als het kanaat van de Krim.

Meer dan driehonderd jaar lang was de Krim een grootmacht in handen van de Krimtataren, een etnische groep van Turkse afkomst. In 1783 annexeerde het Russische rijk het schiereiland na een bloedige oorlog.

Nu lijkt de geschiedenis zich te herhalen.

Als je uitkijkt over de lage daken van Bakhchysarai, een stad omringd door indrukwekkende bergen, hangen overal Russische vlaggen.

“Ze proberen ons te laten zien dat zij nu heer en meester zijn op onze grond,” zegt Lenamara.

“Niemand had verwacht dat we ooit weer bij Rusland zouden horen,” zegt ze over de annexatie met een brok in haar keel. “Het kwam totaal onverwacht.”

Volgens Lenamara heeft de hele Krimtataarse gemeenschap, ongeveer twaalf procent van de bevolking, het referendum voorafgaand aan de annexatie geboycot. Volgens Russische statistieken was de opkomst vijfentachtig procent.

“Wie is er nou geïnteresseerd in onze mening? De Oekraïners vertrouwden de Russen meer dan ons, de oorspronkelijke bevolking van de Krim. Ze hebben ons bedrogen!”

“Maar daar waar de Russische soldatenlaars een stap zet, verdort het gras.”

Het afgelopen jaar zijn er meerdere Krimtataarse politieke en spirituele leiders opgepakt. Volgens Lenamara geeft Moskou met deze intimidatietechniek een duidelijk waarschuwingssignaal af.

Zelfs voor jongere Krimtataren — die de verschrikkingen onder het bewind van Stalin niet persoonlijk hebben meegemaakt en dus wellicht Rusland niet a priori als aartsrivaal zien — is de annexatie een traumatische ervaring geweest.

Twintiger Dinamara, een verpleegster uit Sakhi, weet niet beter dan dat ze altijd Krimtataars én Oekraïens is geweest. Tot voor kort was dat geen probleem.

“Een jaar geleden maakte het niets uit wat je was. We werden met rust gelaten, we leefden in vrede. Nu moet opeens iedereen een kant kiezen, en zijn wij de vijand.”

Het is een verhaal dat meerdere bewoners die tot een etnische minderheid behoren in de Krim delen. Tegenspraak in discussies wordt niet geduld en wordt vaak gevolgd door iets in de trant van: “Als het je hier niet bevalt dan vertrek je toch?”

“Ik heb geleerd om mijn mond te houden,” zegt Dinamara. De laatste keer dat ik aan de intenties van Rusland twijfelde, zei mijn buurvrouw boos dat ik dan maar ergens anders moest gaan wonen. Terwijl ik haar van kinds af aan ken! Hoe kan ik nou verhuizen? Ik woon hier mijn hele leven al, waarom ben ik nu opeens ongewenst?”

Volgens Dinamara worden de bewoners van de Krim tegen elkaar, en tegen Oekraïne opgehitst.

“Niemand weet meer wat we moeten geloven, er wordt aan beide kanten tegen ons gelogen, door het Russiche en Oekraïense nieuws, maar het is de enige informatie die we krijgen.”

Een week later bood de buurvrouw Dinamara haar excuses aan.

“Sorry,” zei ze. “ Ik weet niet wat me overkwam.”